logo Slow Writing Lab

Platform voor jong schrijftalent

Joods Amerikaans - 28.11.2016

De geur van zoet brood en koele baksteen versmolten. Te midden de stoffige straat Ulica Jozefa in de antieke wijk Kazimierz. In boekhandel Austeria zit een grijze, markante verkoopster met halve bil op een tafelhoek, iedere bezoeker recht in zijn gezicht aan te gluren. Terwijl half turend naar een cd'tje uit de torens jazz en klezmer achter haar. Om de minuut verzit ze in kalmte naar een ander torentje. Haar dure bril krijgt tikjes van de vinger tot die goed zit. Bij ieder verzitten lijkt ze kort te willen dansen op de rommelende klezmer jazz. Ze houdt zich in, drukt haar hakken langer dan nodig in het piepende hout dat ons draagt. Alsof ze wil zeggen ''Dit is mijn huis.'' Een paar keer loop ik rond een eiland aan tafels waarop de mooiste boeken over de meest verschrikkelijke onderwerpen rusten. Gezichten van Adolf tot Anne kijken me in allerlei kleuren en maten aan, zodat ik er sowieso niet omheen kan. Gedrukt onheil in ieders smaak en voorkeur. Vooral maak ik het rondje om het eiland boeken heen om hun verkoopster te bezien. Ze heet Esra, bedenk ik, een naam die past bij alles wat ze uitstraalt. Weddend met mezelf gok ik dat ze continu precies weet naar welk boek ik grijpen zal. Daar speel ik mee, door soms even sensueel een kaft te aaien en dan prompt naar de andere kant van de tafel te lopen. Dit terwijl ik haar strak aankijk. Zo maak ik er een dans van en dat merkt ze. Esra wilt ook, op de cadans van haar klezmer. Maar haar functie saboteert die wens. Kort kijk ik haar aan en dan laat ik het erbij. Draai me om zoals toeristen dat doen. ''Te duur voor hem,'' zie ik haar denken. ''Te duur.''

Een opening in de muur leidt naar het tweede gedeelte van de winkel. Een kleinere ruimte, waar op een eiland schriftjes, boekjes, sleutelhangers, posters, postkaarten en pennen prijken. Baas in dit gedeelte is de zoon van Esra, die vast Jakob heet. De man zit te lezen. Futloos verstopt achter een donkere montuur, likt hij met de vinger pagina's weg. Jakob lijkt te zien wat ik denk, wilt reageren voor ik iets zeg. Toch blijven we stil en start ik opnieuw de dans. Maar Jakob is geen beweger. Zitten is zijn stijl en dat staat hem. De boekjes in zijn winkel staan me aan, wellicht omdat ze leeg zijn. Mannen en vrouwen uit allerlei eeuwen bevolken de kaften. In een hoek tref ik een poster. Een afbeelding in zwart -en wit tinten van een oude muziekgroep. Het lijken Roma, gipsy's. Hoeden, krullende baarden, zanderige voeten, gekreukte laarzen en slimme blikken. De vijf mannen maken indruk op me en ik wil weten wie ze zijn. Terwijl ik me naar Jakob in de hoek begeef, hebben zich rondom hem vijf luide vrouwen verzameld. Zijn ogen gillen angstig 'help,' terwijl hij als een malle op een calculator tikt. De vrouwen zijn duidelijk Joods. Hun haren te glanzend en gekleurd voor deze wereld. In een x-ray fantasie zie ik ze kaal rondom de verkoper walsen. Ze raken alles met hun vingertjes aan en keuren naarstig hun waar. Al voor de gedachte aan kopen bezitten ze alles met hun ogen. Allen zijn duur gekleed, in een niet te duiden stijl. Stoffen die niet van hier zijn. Patronen uit een verre realiteit. De langste van hen is de leider. Met een glanzende geldbeurs, waaruit haar rusteloze vingers telkens net geen biljetten opdiepen. Getraind in stijl komt ze over, met de hoekjes van de gestreken biljetten losjes tussen vingertoppen. Big spending. Jewish style. Haar ogen willen sneller spullen dan haar vingers grijpen kunnen. Alles blinkt vandaag voor deze vrouw, zelfs de posters van de Holocaust. Zo goedkoop is ze de wereld niet gewend.

''How much is that in dollars? Is that seventeen dollars? I'm gonna need two extra bags with that. You need a dollar? I don't have a dollar. Do we have a dollar?'' De kleine vrouwtjes vissen driftig beurzen op uit hun laagjes kleding. Tegelijk worden er drie dollarmunten op de kassa gepleurd. ''No, one. We need one. Two third less.'' Ze geeft één munt aan Jakob, die hem aanneemt als een cheque. Nog steeds tikt hij driftig op zijn calculator en stopt al wat zijn kant op komt in zakjes. ''Is this silver?'' De leidster heeft een sleutelhanger uit een mandje gevist. ''If it is, I'll have four of them. And then I need five extra bags for the books.'' Jakob toetst of hij het goed gehoord heeft. ''Yeah, five extra bags. Please'' Ze behandelt hem als een robotslaaf die geld aanneemt en zakjes schijt. Voor ik het besef sluipen er plots drie orthodox Joodse mannen om mij en het boeken eiland heen. Traag en stil bekijken ze wat er zoal ligt. Het gezicht in de plooi en de armen gekruist. Een korte blik naar de vrouw met de geldbeurs. Jakob ziet het eerder dan zij. Ze draait zich om en kijkt terug. Het moment duurt lang. De man knikt en acuut slaat de situatie om. ''The feast, the feast. We're gonna be late for the feast,'' verkondigt de leidster. Alle vrouwtjes worden nerveus. Jakob trekt een bittere eindsprint. Wijzend naar de prijzen op zijn scherm, dankt hij voor de laatste dollars. Alles wordt naarstig in zakjes gepropt en het gezelschap verschuift samengeklit richting exit. Het zaakje is leeg. Zelfs de klezmer bij Esra klinkt nu luid. Driftig lijkt ze piepend door de ruimte te cirkelen. Plots besef ik dat ik twintig minuten lang met een poster in de hand naast de kassa heb staan wachten. Jakob tuurt in zijn geldlade en strijkt teder over de buit. Zuchtje. Zijn wenkbrauwen schuiven een standje omhoog en blijven even in die toestand staan. Als hij zijn hoofd draait schrikt hij van me. We lachen het weg. Nooit ontmoet deze Jakob. Nul woorden, en toch op één lijn.

Richard Jongeneelen

foto Mieke Briers Foto: Mieke Briers

Richard Jongeneelen (BE, 1991) is scenarioschrijver en essayist. Zijn werk verscheen eerder o.a. bij deFusie, rekto:verso en EXPOSED

Reacties

 
Geen reacties.
 

Reageer


U kunt de volgende html-tags gebruikem: <a><br><strong><em><blockquote><pre><code><ul><ol><li>


CAPTCHA Image
Reload Image